Oosterhout, 30 maart 2026

Namens het bestuur van Lokaal Open en Sociaal voel ik mij als voorzitter geroepen te reageren op de ontstane situatie rondom de heer Kastelijns en de discussie over de morele aanvaardbaarheid van het innemen van een raadszetel na zijn aftreden als wethouder vanwege een integriteitskwestie.

De afgelopen vier jaar heeft LOeS, zowel in de raadszaal als daarbuiten, consequent ingezet op een transparante en integere bestuurscultuur. Naar ons oordeel is daar in Oosterhout nog aanzienlijke verbetering mogelijk. Dit vormde eind 2021 een van de belangrijkste redenen voor de oprichting van onze partij en onze deelname aan de gemeenteraadsverkiezingen in 2022. De recente verkiezingsuitslag, waarin ons stemmenaantal is verdubbeld, zien wij als een versterkt mandaat van de kiezer om deze idealen nadrukkelijk uit te dragen.

Wij zijn ervan overtuigd dat een gebrek aan transparantie en een onvoldoende ontwikkeld moreel kompas ertoe hebben geleid dat inwoners het vertrouwen in de politiek zijn kwijtgeraakt. Herstel van dat vertrouwen begint bij lokale partijen zelf. Dat vraagt om een andere kijk op politiek bedrijven, niet primair gericht op macht of positie in het college, maar op samenwerking, vertegenwoordiging en bestuurlijke integriteit.

Integriteit is daarbij geen abstract begrip. De samenleving is veranderd en we zijn ons meer bewust van de impact van woorden en gedrag. Van bestuurders mag daarom worden verwacht dat zij zich voortdurend bewust zijn van hun voorbeeldfunctie en de mogelijke gevolgen van hun handelen, ook wanneer iets als onschuldig of humoristisch wordt bedoeld.

In deze kwestie gaat het niet om persoonlijke waarderingen van de heer Kastelijns of om zijn inhoudelijke verdiensten voor Oosterhout. Het gaat om het handelen van een publieke functionaris die een vrouwonvriendelijke en grensoverschrijdende opmerking heeft gemaakt. Dat oordeel is niet gebaseerd op gevoel, maar op de integriteitscode van het college, richtlijnen die hij zelf heeft onderschreven bij zijn aantreden als wethouder.

Tegen deze achtergrond verbaast het mij dat mevrouw Lossez, fractievoorzitter van Gemeentebelangen, in de media heeft aangegeven dat de betreffende uitlating volgens haar niet ernstig genoeg is om terugkeer in de raad uit te sluiten. Voor LOeS is dit moeilijk te rijmen met haar eerdere uitspraken, waarin zij nadrukkelijk pleitte voor een veiligere omgeving voor vrouwen in Oosterhout. Dat uitgangspunt onderschrijven wij volledig. Veiligheid omvat immers niet alleen het fysieke, maar ook het sociaal emotionele domein en juist daar wringt het in deze situatie.

Dit roept fundamentele vragen op. Hanteert de gemeenteraad andere normen dan het college? Mag van een raadslid minder integriteit worden verwacht dan van een wethouder? En hoe verhoudt de huidige opstelling zich tot de eerder uitgesproken idealen? Het is moeilijk te begrijpen dat een principiƫle inzet voor de veiligheid van vrouwen zo snel lijkt te worden gerelativeerd.

Als voorzitter van Lokaal Open en Sociaal ben ik van mening dat het morele kompas in de lokale politiek scherper moet worden afgesteld. De gemeenteraad vervult een cruciale controlerende rol. Juist daarom mag van raadsleden minimaal hetzelfde niveau van integriteit worden verwacht als van bestuurders. Dat is voor ons een onwrikbaar uitgangspunt.

Wij roepen het bestuur van Gemeentebelangen en mevrouw Lossez op om kritisch te reflecteren op hun positie en zich af te vragen of hun handelen in lijn is met de waarden die zij zeggen te vertegenwoordigen. Indien dat niet het geval is, vraagt dat om een eerlijk en open debat, zeker in het licht van de recente verkiezingscampagne.

De verantwoordelijkheid voor een nieuwe bestuurscultuur ligt bij alle gekozen partijen in de gemeenteraad. Inconsistent handelen ondermijnt het vertrouwen van inwoners en werkt averechts op de gezamenlijke opgave om het vertrouwen in de (lokale) politiek te herstellen.

rikhandtekening

Rik Evers
Bestuursvoorzitter Lokaal Open en Sociaal